Pyrene C16H10

Pyrene C16H10 –
Engaging through Architecture
From our roots to ePeople

Promotor: Frank Delmulle

De ambitie voor de masterproef is om een project te realiseren met maatschappelijke impact en relevantie in een geest van onderzoekend denken en creatief handelen.
We werken daarvoor met verantwoordelijke doelgerichtheid: cultuuropbouwend, sociaal maatschappelijk geïntegreerd en ethisch verantwoord. We streven daarbij naar een meta-dimensie: kritisch inzichtelijk, grensverleggend, veeleisend.

We gaan dat motiverend begeleiden, open, tolerant en inclusief tot een duidelijk omschreven ambitieus niveau via creatieve ondersteuning van het individuele leerproces.

“Architectuur is het simultaan kunnen werken met onafscheidelijke krachten: ‘affect’: meer dan louter gevoel: overstelpen, ondervinden; ‘perfect’: gewaarwordingen, belevingen; ‘concept’: steeds voorbij afgebakende grenzen.

Daarbij dient simultaan te worden omgegaan met basisconcepten: ‘connexion’: samenhang, verband;  ‘hétérogénéité’: ongelijksoordigheid; ‘multiplucité’: menigvuldigheid, veelheid; ‘rupture asignifiante’: zonder zekerheden; ‘cartographie’: kaarten, plannen, routes; ‘décalcomanie’: disharmonie, zonder structuur “.

(is gebaseerd op MILLE PLATEAUX: Deleuze & Guattari).

De holistische benadering, de technisch-wetenschappelijke kennis, de humaan-wetenschappelijke onderbouwing, het architectuurhistorisch onderzoek is in de eerste plaats een middel en een mengeling van feitelijke kennis, artistieke vaardigheid en vakmanschap & het aanvoelen van de tijdsgeest.

Dat maakt van bouwen (in de praktijk) een creatieve synthetische surplus dat van architectuur een volwaardige cultuurcomponent kan maken.

Van een holistisch onderzoek via een pragmatische academische terminologie streven we naar een architectuur en stedenbouw, die de beschikbare ruimte optimaliseert en de fysieke en menselijke context sublimeert.

Opdracht:

We gaan een multifunctioneel, autarkisch project ontwikkelen dat de kleinst mogelijke voetprint heeft, zowel fysiek als ecologisch. Geen monofunctionele spectaculaire architectuur, maar fundamentele, inspirerende leefomgevingen, architectonische concepten en strategieën die mensen in staat stellen om met waardigheid en in de gemeenschap te leven. We gaan ontwerpen ontwikkelen die een omgeving bewoonbaar en leefbaar maken, die gestalte geven aan een haalbaar ideaal.

We gaan strategieën ontwikkelen als syncretische samenstellingen van sociale en culturele netwerken, mobiliteit, communicatie, onderwijs, gezondheid, werk, ontspanning. Zonder scheiding tussen gebruik, leeftijd, geslacht, ras, religie of taal.

 

De te ontwikkelen multifunctionele cluster heeft naast transgeneratief en tijdelijk wonen, 4 functies in relatie met de specificiteit van de site.

Een mulitifunctionele cluster betekent ‘sustainability’, als het minimaliseren van de milieubelasting en het efficient gebruik van grond en gebouwen; ‘self-supporting’, zelfredzaamheid door synergie; ‘vitality’, als vitaliteit en levendigheid; ‘safety en security’, sociale veiligheid; ‘dynamic’, die combinatie van verschillende functies levert; ‘mobility’, diverse functies vermindert de mobiliteitsbehoefte;

een autarkische enclave.

 

De fysieke context:

De inplanting is gesitueerd op geschikte fascinerende sites die gelegen zijn aan een waterloop (beek tot rivier) die door de studenten worden voorgedragen.

In principe werkt elke student op z’n voorgedragen site. De site wordt op het vlak van energie, watervoorziening en afvalwaterverwerking, volledig autarkisch.

De humane context:

De taak van een architect is het luisteren, zien, observeren, registreren om de fysieke en menselijke context van een site in te schatten. Het is het samenbrengen van schijnbaar niet verenigbare elementen in een kader dat “ontwerp” is. Het ontwerp als een interface tussen makers en gebruikers.

De architect als een slimme moderator voor het kaderen van een project in een maatschappelijke context.

Ruimtelijkheid:

De vertaling naar ruimtelijkheid is daarbij een moeilijke opgave voor een architect, maar dat is terzelfdertijd ook z’n know how, z’n specialisatie.

Naast het verwerken van de fysieke en de menselijke context, is de uitdaging van de opdracht dan ook het modelleren van fysieke en kwalitatieve tastbare ruimte. Om ‘ruimtes’ te rationaliseren, te onderzoeken en te evalueren hebben we 33 criteria gedefinieerd (ingrediënten) die ons zullen helpen om fascinerende architectuur te ontwikkelen, een basis voor een stimulerende aanpak.

 

Presentatie / Video

*Woordenboek: 11 items – 11 pagina’s A4 – cahier van persoonlijke fascinatie.


*Engaging through Architecture 1 A4.


*Ontwerpdossier: resultaat van onderzoek naar stedenbouwkundige, architecturale, structurele & werkbare bouwtechnische strategieën, constructieve uitwerking via typedetails die het project versterkt, die het ontwerp karakteriseert en verduidelijkt, resultaat van onderzoek naar materialisatie die het architecturaal concept ondersteunt.


*Maquettes: Studiemaquettes & 2 eindmaquettes.


*Reflectienota: max 40 pagina’s A4 waarbij beelden, schema’s, tekeningen, schetsen, axonometriën, … de hoofdcommunicatiemiddelen zijn in relatie met tekst ter verduidelijking. We onderzoeken daarbij mogelijkheden voor geëigende communicatie die de specificiteit van de discipline exacter kan expliciteren. Zodat architectuur eigen inzichten kan genereren, geëigende vormen van kennis kan inschakelen en met eigen vormen van discours kan experimenteren.


*Synthesebeeld en samenvattende nota – elevator pitch: 2 pagina’s A4: beeld, schema, tekst.


*Powerpoint: voor presentatie van 3 reviews en aan de externe jury (basis 24 slides).


No results found